Shapewear

corsetiere.net

corsetiere.net

Shapewear is een mooi woord voor figuur corrigerend ondergoed. Ondergoed dat borsten omhoogstuwt, de buik laat verdwijnen, een wespentaille creëert, billen opbeurt en de heupen mooi rond laat zijn. Alles waarvan wij vrouwen denken dat het ons aantrekkelijker maakt voor het andere geslacht en blijkbaar ga je jezelf ook beter voelen als het lijf in de ‘juiste’ proporties is geduwd. Maar wat zijn dan die juiste proporties en houden we onszelf en een ander niet voor de gek? Het droombeeld voor veel vrouwen is het zandloperfiguurtje met een lekkere C-cup. Maar dat hebben we nu eenmaal niet allemaal en bovendien hebben de mannen ook hun eigen voorkeuren, om het even lekker lastig te maken. De een houdt van grote borsten, de ander heeft liever een handzamer formaat, er zijn mannen die op dikke vrouwen vallen of juist op dunne latten. Kortom, waarom doen we al die moeite? Is die vent niet gewoon gevallen voor je sprankelende ogen en je geweldige persoonlijkheid? En houdt hij niet net zoveel van je als je, puisterig en al, ongesteld bent en je volstrekt onmogelijk gedraagt? Maar nee, we hijsen ons massaal in de shapewear. Alleen lijkt mij die hele figuur corrigerende zooi bij een opbloeiende liefde toch wel een stressfactor. Want stel je eens voor dat je op de date aller dates gaat, die date van ‘tonight is the night…’, en dat je op het moment suprême uit je sexy jurkje stapt en die leuke man je moet helpen om je te bevrijden uit de huidkleurige short met pijpjes. Kunnen we het licht even dimmen? Want die letterlijk adembenemende korset met push up bh moet ook nog uit. De vetrolletjes springen spontaan tevoorschijn, je billen en borsten zakken 20 centimeter en de taille is met de noorderzon vertrokken. Toppunt van romantiek, echt waar. Dit propje gaat morgen weer naar de sportschool.

 

Deze dames hebben toch echt geen shapewear nodig

 

Luistervinkje

IMG_20160411_212441Daar waar de meeste Nederlanders meteen hysterisch worden van de eerste zonnestralen in het voorjaar en de barbecue de tuin inslepen, geef ik op zonnige dagen de voorkeur aan een gezellig terras. Het liefst in goed gezelschap, voor het voeren van (on)zinnige gesprekken. Aangevuld met bier en bitterballen, veel beter kan het leven niet worden. Afgelopen maandag was zo’n zonnige voorjaarsdag en belandden collega T en ik na een vermoeiende werkdag op een terras in Amstelveen. Fijn begin van de week, maar de week was nog jong en na 2 biertjes hebben wij braaf afscheid van elkaar genomen. Op de fiets terug naar huis merkte ik dat het niet erg verstandig was om 2 Brand Weizen los te laten op een bodempje van 3 bitterballen. Eenmaal thuis bleek de koelkast akelig leeg en had ik niet heel veel trek om naar de Appie te hobbelen om boodschappen te doen. Verstandige meisjes gaan dan uit eten en deze verstandige meid huppelde daarom opgewekt naar het eetcafé om de hoek. Daar was het druk, erg druk. Maar gelukkig was er ergens achterin nog net een plekje voor mij beschikbaar. Zo’n ‘zitten-en-nooit-meer-bewegen-want-anders-lig-je-met-je-kont-in-andermans-soep’-plek. Nippend aan mijn bronwater met bubbels kon ik op zo’n intieme plek niets anders doen dan lekker mee luisteren met de gesprekken om mij heen. Links van mij zat een expats-kolonie. Voertaal Engels, met een snufje Duits, en hele saaie gesprekken over het werk. Rechts van mij zaten een dame van 80+ en een man van midden 50. Ik dacht eerst aan moeder en zoon, maar gezien de aard van het gesprek was er eerder sprake van een vrouw en haar mantelzorger. Hun gesprek had een hoog Carla en Frank van Putten-gehalte, van Kooten & de Bie-fans weten over wie ik het heb. Niet alleen vanwege de aard van het gesprek, maar ook vanwege de toon waarop het stel met elkaar sprak. Een kleine impressie:

Zij: Wat gezellig dat je met mij uit eten gaat.
Hij: Ja, ik vind het ook heel gezellig. Morgen eet ik met een collega, ex-collega eigenlijk. Kijk, ze stuurt net een appje.
Zij: Ach, wat leuk. (Op zo’n toon van ‘wie is die snol’)
Zij: Ik heb hartaanval gehad, weet je.
Hij: Ja, dat weet ik. Ik had je toen aan de telefoon en vond je al wat benauwd klinken.
Hij: Ik ga straks nog even in jouw koelkast kijken, of je genoeg in huis hebt.
Zij: Dat hoeft niet, ik krijg toch elke dag een maaltijd bezorgd.
Hij: Ja, maar heb je wel voldoende fruit en zo in huis. Ik ga gewoon in jouw koelkast kijken.
Zij: Dat is niet nodig, ik wil het niet hebben, ik heb voldoende in huis.
Hij: Dat interesseert me geen reet, ik ga in jouw koelkast kijken. Je bent zo eigenwijs.
Zij: Ik ben helemaal niet eigenwijs! En ik ga zo meteen met de tram naar huis, ik ga echt niet lopen.
Hij: Ben je gek, ga toch lekker lopen.
Zij: Nee, ik ga met de tram. Wil jij nog een toetje?
Hij: Nee, ik neem een koffie maar jij mag wel een toetje.
Zij: Nee, als jij niet neemt, dan hoef ik ook niet.

Enfin, allebei aan de koffie en toen moest er toch nog maar een toetje komen. Dat ging als volgt:

Zij: Ik heb wel zin in een bolletje ijs met advocaat.
Hij: Als je dat lekker vindt, dan moet je dat nemen. Ik neem ijs.
Serveerster: Helaas, we hebben geen advocaat maar ik kan u wel een bolletje ijs serveren.
Zij: IJs? Nee, doet u mij dan maar alleen advocaat.
Hij: Luister je wel? Ze heeft geen advocaat. (Hoorbare zucht)
Zij: O, nou dan hoef ik ook geen ijs. Dan moet ik straks nog even langs de slijter. Ik heb zin in advocaat.

Ik ben met een glimlach op mijn gezicht naar huis gegaan. Maar hoe grappig ik het gesprek ook vond, er zat ook een zweempje eenzaamheid in verborgen. Voor deze oude dame vind ik het fijn dat ze iemand heeft die zo zorgzaam is om haar mee uit eten te nemen en de inhoud van haar koelkast checkt. Niet iedereen heeft het geluk een mantelzorger in de buurt te hebben, al zal dat niet altijd de eenzaamheid wegnemen. Misschien is het nog niet zo’n gek idee om, als ik op leeftijd geraak, met vrienden in een soort commune te gaan leven. Mantelzorgers onder één dak. Voorwaarde: een groot terras en voldoende bier en bitterballen.

Voor de liefhebber: een link naar een Carla en Frank van Putten-filmpje.

Hulpmiddelen

Onlangs vertrouwde iemand mij toe dat hij hulpmiddelen naast het bed had liggen. Ik was lichtelijk verbaasd, want een jonge god als hij leek mij nou niet echt prestatieverhogende middelen nodig te hebben. Maar goed, ik zat me natuurlijk meteen af te vragen wat voor speeltjes hij op het nachtkastje heeft liggen. En hoe hij die gebruikt en met wie. Zit er een Christian Grey in hem verborgen en zweept hij er lustig op los of hebben we het hier over viagra pillen. Ik stond op het punt hem te vragen waar het ventieltje van zo’n opblaaspop eigenlijk zit, toen hij mij ernstig teleurstelde. Want zijn hulpmiddelen zijn middelen om een bejaarde uit het bed te takelen. Denk hierbij aan rollator en optrekstang. Ik vond het wat overdreven, zou oud is hij nu ook weer niet, maar het verhaal werd nog veel erger. Hij heeft ook van die vreselijke nordic walking stokken en sorry hoor, maar dan ben je echt bejaard. Ja, ik weet dat nordic walking in Finland is ontstaan als zomertraining voor langlaufers en dus als een echte sport wordt gezien. Dat het niet zo maar in het wilde weg prikken is met die stokken, maar dat je er voor moet trainen met behulp van echte instructeurs. De stokken moeten van de juiste lengte zijn, met passende handgrepen en lussen. Je kan niet zomaar met iedere willekeurige stok de paden en lanen afdraven. Dus een echte sport, maar waarom zie ik in dit land dan alleen maar bejaarden rondstampen met die stokken? Meestal echtparen in matching outfitjes, aangeschaft bij de ANWB. Niets mis mee, de ANWB verkoopt kwaliteit, het is alleen zo vreselijk stereotiep. Ik heb ook niet de indruk dat de bejaarden getraind hebben, het lopen met nordic walking stokken dient volgens mij een heel ander doel. Vanwege de spike onderaan de stok is het namelijk een uitstekend wapen om een voorbijrazende wielrenner van zijn racefiets af te prikken. Want zeg nu zelf, die wielrenners houden met niemand rekening en jagen iedereen de stuipen op het lijf met hun gevaarlijke gedrag in het verkeer. Ik voel zelf wel eens de behoefte opkomen om zo’n gast van z’n fiets te meppen of een stok in de wielen te steken. Nordic walking stokken als zelfverdedigingsinstrument, eigenlijk nog niet zo’n gek idee. Toch maar eens op Marktplaats kijken voor een leuk setje.

nordic walking 1

 

Lente

Weer eentje uit de oude doos, mijn kijk op Rokjesdag.

scherenDe eerste kriebels zijn achter de rug, de zomertijd is ingegaan en de kinderen mogen weer met zonder jas naar buiten. Kortom, het is lente! Menig man kijkt nu reikhalzend uit naar het eerste hoogtepunt van dit jaar, namelijk Rokjesdag. Voor vrouwen welteverstaan, uitzonderingen daargelaten. En hoe blij ik ook ben met het lekkere lenteweer, zo’n Rokjesdag is voor mij toch een stressvol moment. Kan ik in de winter mijn harige benen nog verschuilen onder een maillot, in de lente moeten de benen gladgeschoren zijn. Ik neem het voor lief dat mijn lieftallige echtgenoot in de winter regelmatig vraagt “of de chimpansee ook mee gaat naar bed”. In de lente en zomer ben je helaas genoodzaakt om de boel goed bij te houden, want echt mooi zijn die harige pootjes toch ook niet. In de reclame ziet het er allemaal zo gemakkelijk uit. Jonge vrouwen die gracieus het scheermesje langs hun slanke benen halen en voilà, de boel is zijdezacht en glad. Nee, dan ik. Met de elegantie van een nijlpaard worstel ik in de badkamer met scheerschuim en het martelwerktuig. Er zijn altijd haren die het been niet wensen te verlaten. Daar word ik dan weer ietwat agressief van, waardoor een bloedbad tot de mogelijkheden behoort. Ik heb dan ook altijd pleisters bij de hand. Ooit in de reclame zo’n mooie juffrouw gezien met pleisters op de benen? Dacht het niet.

Ik heb lang gedacht dat ik een van de weinige vrouwen ben die de pest heeft aan scheerwerkzaamheden. Het is dan ook niet een onderwerp dat geschikt is om te bespreken tijdens de lunch. Of tijdens de koffie. Onlangs las ik in een gezellig vrouwenblad dat een Bekende Nederlandse vanwege het scheren regelmatig met verwondingen op de benen rondloopt. Ben ik toch niet de enige, een geruststellende gedachte. Dames (en heren?) die na het lezen van dit stukje graag hun hart willen uitstorten over hun scheerfrustraties, u weet mij te vinden.