Heftig

In mijn Amsterdamse kamertje heb ik geen televisie en dat scheelt avonden ‘bagger-kijken’. Geen tv betekent ook dat ik verstoken ben van extra nieuwsuitzendingen. Dat heeft soms zijn voordelen want ergens geen weet van hebben, geeft rust. Dat er iets afschuwelijks was gebeurd in Nice, merkte ik pas vanochtend op het werk.

Bij het lezen van het nieuws op internet, de bijbehorende bewegende beelden overslaand, kwam ik een mooi geschreven stuk tegen van VROUW-journalist Marjolein Hurkmans. Bij de tekst een indringende foto van een lichaampje, afgedekt met folie. Naast het lichaampje ligt een pop. Het plaatsen van de foto leverde veel reacties op. Veel mensen vonden het, op z’n zachts gezegd, ongepast dat de foto was geplaatst. Een volgende discussie was geboren; wanneer ga je te ver met het delen van foto’s van slachtoffers op social media?

Is op die vraag een stellig antwoord te geven en is het niet vooral een persoonlijke keuze? Bij mij ligt de grens bij het tonen van het gezicht of andere zaken waaraan je het slachtoffer kunt herkennen. Na de MH17-ramp kwam je veel foto’s tegen van lichamen die volgens mij voor de nabestaanden duidelijk te herkennen waren als dat van hun kind/ouder/vriend. Hoe vreselijk moet dat zijn geweest voor de achterblijvers. Een beeld dat nog altijd op mijn netvlies staat gebrand, is de foto van de lichamen van Amerikaanse soldaten die in 1993 door de straten van Mogadishu (Somalië) werden gesleept. Geen ouder zou geconfronteerd mogen worden met dat soort beelden van hun kind.

Na iedere ramp of aanslag krijgen we de meest afschuwelijke beelden voorgeschoteld. Dat is van alle tijden. Vroeger werd de rampspoed geschilderd, later gefotografeerd en gefilmd. Nu we steeds meer gebruik maken van social media, wordt er steeds sneller en vaker iets gepost. Een van mijn collega’s merkte terecht op dat het toch vreemd is dat mensen gaan staan te filmen in plaats van te rennen voor hun leven. Dat is inderdaad vreemd, net zoals het eigenlijk raar is dat veel mensen met een zekere gretigheid naar die foto’s en filmpjes gaan zitten kijken. De mens houdt van ellende, breekt er ergens brand uit dan staat de straat vol met kijkers. En die hopen op een grote brand, niet op een blusactiviteit van 5 minuten.

Is het plaatsen van een foto van het bedekte lichaam van een kind ongepast? Ik vind van niet. Het is een beeld van de akelige werkelijkheid waarin wij nu leven. Nog geen jaar geleden schreef ik over de 3-jarige Aylan, wiens lichaampje was aangespoeld op het strand van Bodrum. De foto ging de wereld rond en de wereld was verontwaardigd, maar is er sinds die tijd iets veranderd? Nee. We hebben alleen nog meer ellendige beelden te verstouwen gehad. Ik noem Istanbul, Parijs, Brussel, Bagdad en nu Nice. Waarbij opgemerkt moet worden dat wij toch meer aangedaan zijn door de aanslagen in Frankrijk en België. Want dat ligt naast de deur.

Ik zie liever ook geen foto’s van dode kinderen, maar de realiteit is nu eenmaal niet mooi. Aylan was op de vlucht voor het geweld in eigen land, het kindje in Nice had niet de kans om te vluchten. Beide kinderen zijn het slachtoffer geworden van blinde haat. Want dat is het, pure haat. We kunnen het wel willen negeren, maar het is er gewoon. De foto’s van beide kinderen moeten ons doen realiseren dat de andere kant opkijken geen optie is. De haat is er en ik vrees dat het einde nog niet in zicht is.

Ben ik bang? Nee. Angst is een slechte raadgever. Ik besef me alleen steeds meer dat ik moet (blijven) genieten van de kleine dingen in het leven. Want het leven kan zomaar voorbij zijn.

De tekst van Marjolein Hurkmans: https://vrouw.nl/artikel/open_brief/34594/rust_zacht_pop
En de discussie daarna: https://vrouw.nl/artikel/praat_mee/34604/hoe_ver_ga_je_met_het_delen_van_heftige_fotos_op_social_media