Mindfulness

chaos2Vanochtend zat ik, lekker in het zonnetje met een mok koffie, een artikel te lezen op de site van De Volkskrant. Onderwerp: De ondraaglijke lichtheid van de inspirerende spreuk. Heerlijk herkenbaar, ik kom met enige regelmaat dergelijke teksten tegen op Facebook en Instagram. Van dat blijmoedige, semi-intellectuele gedoe waar ik altijd spontaan jeuk van krijg. (ja, ik heb nogal eens last van kriebels)
Het zal jullie dan ook niet verbazen dat ik niets heb met mindfulness-achtige activiteiten. Begrijp me goed, iedereen mag doen waar hij/zij gelukkig van wordt, maar probeer mij niet ervan te overtuigen dat elk mens aan de mindfulness moet. Als het in mijn hoofd te druk wordt, zonder ik me af van de buitenwereld en ga ik lekker voor me uit zitten staren. Werkt prima en menig blog is ontstaan vanuit de staarpositie. (ja klopt, ik zit elke week in afzondering te mediteren)

Nadat ik vanochtend een tijdje afgezonderd heb zitten staren, alleen gestoord door J. die wilde weten wat ik vanavond voor hem ga koken (tjap tjoi), leek het mij buitengewoon zinvol om eens een aantal van die inspirerende spreuken te gaan analyseren. Soms is het gewoon lekker om je mateloos te ergeren.

Mindfulness is een levenslange reis over een pad dat uiteindelijk nergens naar toe gaat, alleen naar wie je bent
Dus, je bent levenslang bezig aan het verdwalen op een eindeloos pad dat eindigt bij het beginpunt: jezelf. Blijf lekker thuis, je hebt jezelf allang gevonden. Blijkbaar.

Het verschil tussen wie je bent en wie je wilt zijn is wat je doet
Stel, ik wil eigenlijk een boterbloempje zijn. Kan iemand mij uitleggen wat ik dan moet doen om te transformeren tot een boterbloem? Het antwoord ‘koop een carnavalspak’ reken ik hierbij fout.

Think less, feel more
Diep, heel diep. Wat moet je voelen als je niet meer denkt? Juist als ik denk, komen er allerlei emoties bovendrijven. En geloof me, dan voel ik veel. Heel veel.

Sometimes it’s okay if the only thing you did today was breathe
Laat dat nou het enige zijn dat je zeer zeker moet doen op een dag: ademhalen. Anders ga je dood en dat zou toch jammer zijn. Zeker als je je nog bevindt op dat eindeloze pad naar nergens. Doodgaan en dan niets hebben bereikt, dat is pas kut.

Je kunt beter een nachtje slapen over wat je wilt doen, dan wakker liggen over wat je gedaan hebt
Geprobeerd. Werkt niet.

Het leven moet niet vliegen maar fladderen
Een vlinder fladdert. De meeste vlinders leven maar 2 tot 3 weken. Vliegtuigen daarentegen kunnen heel oud worden. Conclusie: vliegen in het leven is beter dan fladderen.

Alles wat je aandacht geeft, groeit
Nee, ik ga nu niet over seks nadenken. Echt niet.

Als je de controle loslaat, gebeuren de mooiste dingen
Je rijdt 130 op de snelweg en je laat het stuur los. ‘Kijk, zonder handen!’ Ik kan me niet voorstellen dat daar iets moois uit voort kan vloeien. Bovendien ben ik een controlefreak, geen denken aan dat ik het stuur uit handen ga geven. Het hoeft niet mooist, mooi is goed genoeg.

Zo lekker dit, me ergeren aan helemaal niets. 🙂

Yoga

Doe ik aan yoga? Nee.
Heb ik ooit aan yoga gedaan? Niet dat ik mij daarvan bewust ben.
Heb ik verstand van yoga? Nee, maar ik ventileer graag mijn mening over yoga.
Waarom? Om aan het verwachtingspatroon van mijn broer te voldoen.

Tenminste, ik denk dat hij van mij verwacht dat ik iets ga schrijven over yoga. Want waarom zou hij mij anders dat filmpje van Lenette van Dongen sturen? Over ouder worden en yoga in de korte broek. Leuk mens, die Lenette, en een blij ei van ergens ver in de vijftig. Ouder worden vindt ze niet erg en dat daar rimpels bij komen kijken, is ook helemaal geen ramp. Tijdens het yogaën in de korte broek constateerde Lenette opeens dat ze hele rimpelige knieën heeft. Knieën in beeld en inderdaad, een hoop loshangend vel. En dan ga je je toch afvragen hoe het met je eigen knieën staat. Zelf ergens begin vijftig en dan zit je echt in de gevarenzone. Dus hup, broek naar beneden, op bed gaan liggen, beentjes in de lucht en maar buigen en strekken met die knieën. Ze blijken te kraken, maar er is werkelijk geen rimpeltje te zien. Ik wilde een vreugdedansje gaan doen, maar dat blijkt lastig te zijn met een broek die om je enkels zit gewikkeld.

Maar waarom heb ik geen gerimpelde knieën? Het antwoord is simpel: Marita yogaat niet. Ik vouw mijn lichaam niet in de vorm van een kraanvogel die een lotusbloem aanvalt. Of in de vorm van een halve kameel (een dromedaris dus, met die ene bult) die een vuurvliegje plet op de maan. Zoiets. Ik vind rechtop staan al lastig en vermoeiend zat, de kans dat ik mijn benen om mijn nek ga vouwen, is daarom nihil. Yogaërs buigen en strekken hun lichamen in zulke vreemde standjes, dat het helemaal niet gek is dat de huid oprekt en daardoor gaat rimpelen. Soort van striae, eigenlijk.
Yoga mag dan wel ontspannend zijn, maar wil je geen gerimpelde knieën en ellebogen, zoek dan een andere vormen van ontspanning. Kaas, wijn en Netflix bijvoorbeeld. Kan ik van harte aanbevelen.

Carrousel

Woensdagavond. Het Noord Nederlands Toneel (NNT) speelt ‘Carrousel’ in de Stadsschouwburg van Amsterdam. Een fascinerend schouwspel over een dansmarathon. Dansen totdat je er (dood) bij neervalt. Waarom doen mensen aan zo’n marathon mee en, belangrijker, waarom kijken andere mensen graag naar die ellende? Want een ellende is het. Mijn buurvrouw van de avond zei na afloop dat het op een gegeven moment wel wat ongemakkelijk werd, het kijken naar mensen die aan het einde van hun latijn zijn, maar toch blijf je zitten omdat je wilt weten wie als eerste ter aarde stort. Plaatsvervangend lijden, noemde Sander Janssens het.  Mensen zoals ik lijden inderdaad mee, ik voelde de vermoeidheid van de dansers, maar het gros van de bevolking is toch meer van het leedvermaak. Kijk maar naar de hoge kijkcijfers van al die reality-programma’s. De meeste mensen die naar dergelijke programma’s kijken, lijden niet mee maar vinden het geweldig als iemand op z’n bek gaat, de sloerie uithangt of in emotioneel gejammer uitbarst. Ik vind het zonde van mijn tijd om naar dergelijke programma’s te kijken.

Nu heb je verschillende reality-programma’s, namelijk de spelvariant en de platvloerse meekijkvariant. In de 1e categorie zitten programma’s als Boer zoekt vrouw, Peking Express en Wie is de mol. Mij kan het totaal niet boeien, maar hele volksstammen zitten aan de buis gekluisterd en met mede-Molmalloten, -Pekingeenden en -Boerhoeren wordt het programma uitgebreid geëvalueerd. Waar ik dan ook weer niets van snap, hoewel ik de verzameling Twitter-berichten over Boer zoekt vrouw wel altijd hilarisch vind. Niet vanwege het leedvermaak, sommige mensen zijn gewoon uiterst grappig op Twitter.
Van de 2e categorie vraag ik me af waarom iemand daaraan mee wil doen en waarom iemand anders daar überhaupt naar wil kijken. Denk bijvoorbeeld aan Temptation Island en Oh oh Cherso, met als spin off Barbie. Platvloerser kan haast niet. Iemand biechtte laatst op dat als zij zichzelf eventjes  helemaal wilde uitschakelen, ze weleens naar Barbie keek. Omdat het een hersenloos programma is, waarbij je niet na hoeft te denken. Als ik mezelf wil uitschakelen, ga ik op bed naar het plafond liggen gluren. Van Barbie zou ik eng gaan dromen. Kans is groot dat ik sowieso over dit onderwerp ga dromen, nu ik erover heb geschreven. Iets in de trant van Barbie op een mollenkwekerij alwaar zij de aanwezige boerenknechten een voor een afwerkt onder een palmboom. Zoiets. Kunnen we een nieuw programma van maken: ‘Barbie gaat de boer op’.

 

Het bankje van Suzanne

Lang geleden toen ik nog op school zat, dat moet ergens in de Middeleeuwen zijn geweest, kregen wij van de lerares Nederlands de opdracht om een songtekst te analyseren. Ze zette ons aan het werk met Suzanne van Herman van Veen. Wij pubers gingen helemaal los en probeerden de diepere betekenis van de tekst te achterhalen.
Hoe kan het dat duizenden schepen, dat zijn er best veel, voorbij gaan en het toch maar niet later werd. Was de wintertijd ingegaan?
Maar waarom zou je in die periode van het jaar gaan zitten blauwbekken op een bankje aan het water?
Maar goed, Suzanne is te gek en dan wil zo’n jongen natuurlijk wel met haar meegaan naar de overkant.
Waarom gaan ze dan niet en zitten ze maar op dat bankje pepermuntjes te vreten?
Zouden het Wilhelmina pepermuntjes zijn?
Hoezo zijn pepermuntjes tastbaar?
En waarom begint die van Veen opeens over de visser Jezus?
Hij wil ook wel met Jezus naar de overkant, maar blijft maar op het bankje zitten.
Gaat de pont niet, of zo?
Er ligt van alles in het gras en in de goot en Suzanne lacht en hij wil nog steeds met haar naar de overkant.
Want hij moet haar wel vertrouwen omdat zij zijn gedachten in haar hand houdt.
Hoe doet ze dat?
En waarom zitten ze nog steeds op dat bankje vastgeplakt?

Na 3 kwartier geworstel en met het zweet op het voorhoofd, keken wij onze lerares verwachtingsvol aan. We begrepen geen zak van die hele tekst en hoopten op een logische verklaring van het beste mens. Die had ze, volgens haar sloeg de hele tekst helemaal nergens op en was het een onzinlied. Wij waren diep geschokt, zo zonde van de tijd om met een onzinnige opdracht bezig te zijn.

Sinds die dag kan ik niet meer naar dit nummer luisteren zonder te denken dat die Herman uit z’n nek zit te lullen. Suzanne zelf heeft Herman op een gegeven moment op het bankje laten zitten, je kan ook niet eeuwig op die gast blijven wachten als je zelf graag naar de overkant wil. De pepermuntjes waren trouwens ook op. Ze is naar Tilburg afgereisd om bij die jongen van VOF De Kunst op de bank te gaan zitten. Beetje vozen, cola drinken en gestoord worden door iemand aan de telefoon die verkeerd verbonden is. Dat laatste lijkt mij onwaarschijnlijk, die klojo heeft gewoon zelf het verkeerde nummer gedraaid. Misschien was het Herman wel. Enfin, het was voorbij met de pret en Suzanne ging. Op zoek naar een andere vent met een bankje.

Maatwerk

20170329_184249Soms heb je gewoon een nieuwe jeans nodig. Omdat de exemplaren die je al in de kast hebt liggen niet meer passen, niet lekker zitten of omdat de mode een andere jeans voorschrijft. Alleen vind ik het altijd zo’n gedoe, het kopen van een broek. Zit het ding goed om de heupen, dan zit het te ruim in de taille, de pijpen zijn meestal te lang of mijn bovenbenen blijken erg dik te zijn. Hoewel ik in het laatste geval liever denk dat de pijpen van de broek te smal zijn.  Als fervent internetshopper kan ik daarom uren op zoek zijn naar dé perfecte broek. Ik lees braaf de reviews van andere klanten over de plus- en minpunten van het begeerde kledingstuk,  zodat ik me een goed beeld kan vormen van wat de gemiddelde Nederlandse vrouw zoal met liefde aantrekt.

Zo kon het gebeuren dat ik deze week via mijn favoriete webshop een wonderjeans heb aangeschaft. Volgens de fabrikant laat de wonderjeans je 1 maat smaller lijken terwijl je je normale maat bestelt. In mijn geval zou dat betekenen dat ik een maat 40 bestel en er dan uitzie als iemand met maatje 38. Maar nee, zo schrijven de orgastisch enthousiaste dames-reviewers, bestel vooral een maatje kleiner want de broek valt ruim. Dus Marita bestelt braaf een maat 38 en als je de redenering van de fabrikant volgt, ga ik er dan uitzien als iemand met maatje 36.
Enfin, de jeans wordt bezorgd en ik constateer dat de broek er best wel klein uitziet. Toch maar passen en wat blijkt, er zit giga-veel stretch in de broek verwerkt. Echt, je kan er een olifant, een nijlpaard en een walvis in stoppen en dan blijft het een maat 38! Sterker nog, je kan er een heel voetbalteam bij in proppen en dan nog blijf je er uitzien als een slanke deerne met maat 36. Of de broek met al die extra inhoud nog lekker zit, betwijfel ik trouwens.
Maar is het niet geweldig, zo’n wonderjeans? En is het niet fantastisch hoe een fabrikant ons vrouwen voor de gek weet te houden? Want zie ik er nu uit als iemand met maat 36? Nee en ik kan het weten, want die maat heb ik jarenlang gehad. Ik zie er nog steeds uit als het propje met maat 40 met de bijbehorende heupen en billen, maar wel lekker met een labeltje maat 38 in haar jeans.

Houd ik de broek? Natuurlijk, hij zit verdomd lekker. In die broek kan ik de hele dag in een spagaat gaan zitten, als ik dat zou willen. Niet dat mijn lijf een spagaat aankan, maar het is mooi om te weten dat het tot de mogelijkheden behoort. Maatwerk, het past ons allemaal. 😉