Sfeer

Man en ik kijken graag naar woonprogramma’s. Niet omdat wij van plan zijn om te verhuizen of, erger nog, een verbouwing uit gaan voeren. Nee, wij vinden de mensen die aan dat soort programma’s meedoen bijzonder grappig. Neem nou zo’n stel dat graag wil verhuizen in hun vertrouwde omgeving. Ze hebben al 263 woningen bezocht, maar kunnen niets vinden dat aan hun eisen voldoet. En die eisen zijn helemaal niet bijzonder. Ze willen een woonkeuken, 3 slaapkamers, een badkamer met ligbad, een tuin en dat allemaal in een levendige omgeving. Moet niet zo moeilijk zijn, lijkt ons. Dus hup, op pad met een presentatrice en een meneer met verstand van wonen. Al gauw wordt duidelijk waarom ze geen leuke woning kunnen vinden. Want ook al vinden ze zichzelf enorm gemakkelijk, in werkelijkheid is het een stel azijnzeikers. Het begint al bij de voordeur van huis nummer 1.
‘Nou, het ziet er wat klein uit en de kleur van de voordeur is niet onze smaak.’
‘De deur kan een nieuw likje verf krijgen’, aldus de man-met-verstand-van-wonen.
‘Ja, maar dan hebben we er wel werk van.’ De tenen beginnen bij ons al krom in de pantoffels te trekken. Eenmaal binnen gaan ze helemaal los en wordt er misprijzend naar het meubilair gekeken.
‘Oh, dit is zó niet ons. Ik vind die bank echt niet mooi en ik houd ook niet van gele bloemen.’ Alsof het huis met inboedel en al wordt verkocht.
‘Ja weet je, ik ben heel gevoelig voor sfeer. Echt heel gevoelig en het voelt hier heel donker en kil aan. Volgens mij is er onlangs iemand in dit huis overleden, klopt dat?’ Nee, maar als je zo doorgaat ben jij de eerste.
‘De buurt is wel erg druk.’
‘Jullie wilden toch een levendige omgeving?’
‘Jahaa, maar niet te druk. Hier is het echt heel druk, ik zag net nog iemand fietsen.’

Huis nummer 1 wordt het dus niet. En huis nummer 2 en 3 ook niet. De tuin is te groot, te klein, met te veel of te weinig gras. Het ligbad is te wit of niet wit. Het eigen bed past niet in de slaapkamer, ook al is het bed dat er nu staat net zo groot. De parketvloer moet worden gelakt, er moet een muur worden gesloopt en de keuken is aan vervanging toe. Oftewel, aan alles mankeert wel iets. Maar het ergste is nog dat ze zeuren over het gebrek aan sfeer. Sfeer maak je immers zelf. De een houdt van Rivièra Maison en de ander van industrieel. De een wil alles met steigerhout, terwijl een ander liever veel glas in het interieur heeft. Ronde vormen, harde lijnen, veel kleur of liever zwart-wit, sfeer en inrichting is iets persoonlijks. Zo heeft mijn man ons huis omgetoverd tot een mancave. Gordijnen dicht opdat de stofnesten aan het zicht worden onttrokken, stereo op heavy metal-concertsterkte, bier en whisky binnen handbereik, wc-bril in de opwaartse stand en de planten dood in de pot. (bloempot, niet wc-pot) Helemaal zijn sfeer en niet de mijne. En hoor je mij klagen? Nee, want ik heb mijn eigen domein waar ik wierook in de fik steek, kaarsjes brandt, Sublime FM luister en foto’s van naakte vrouwen aan de muur heb hangen. Ik vind het gezellig en om het even klef af te sluiten:

home_collage

Vlnr: Jeuk – Fijn – Altijd!

Diversiteit

Een maand of twee geleden las ik een stuk over diversiteit. Etnische diversiteit in de damesbladen, om precies te zijn. De modellen in die bladen zijn voornamelijk blank en daar kunnen vrouwen met een andere etnische achtergrond zich moeilijk in herkennen. De discussie ging (terecht) over huidskleur, maar kunnen we het ook even hebben over lichaamsvormen? Want ik herken me niet in lange, dunne vrouwen. Ik zit nu in zo’n blad te bladeren en zie een skinny bitch in haar blote kont op de foto staan. Zo’n kont zonder putjes. De begeleidende tekst luidt: rok à €490. Rok, welke rok?! Blijkt het scharminkel een nauwelijks zichtbare rok voor haar lichaam te houden. Twee pagina’s verderop diezelfde blote kont, maar nu heeft ze een blouse à €169 aan de borstjes geklemd. Toe nou zeg, als je een rok en blouse wilt verkopen, trek die zooi dan gewoon aan. Maar nee, een onzichtbaar kledingstuk verkoopt blijkbaar beter als je een naakte spillebeen op de foto zet. Heel deprimerend vind ik dat en ik hoop dat die bips gefotoshopt is, anders heeft het leven voor het gros van de vrouwen totaal geen zin meer.

Hoewel het tegenwoordig in is om ‘curves’ te hebben, oftewel bovenmatig aanwezige rondingen, de ronde vrouw zie je niet in de modebladen te verschijnen. Schandalig, aangezien de vrouw in verschillende vormen voorkomt. Oké, soms komt er wel een forse vrouw in beeld maar dan is er sprake van een makeover in een damesblad.
‘Dit is Tineke. Zij is 56 jaar en 98,3 kilo schoon aan de haak. Tineke heeft zichzelf teruggevonden na een heftige scheiding van een dominante man. De laatste jaren heeft ze niet goed voor zichzelf gezorgd, waardoor haar vel enorm is opgerekt dankzij een dieet van frietjes met mayo en frikandel speciaal. Haar kinderen Sjermeen, Zwetslana en Roeben willen hun moeder eens in het zonnetje zetten en de redactie van Bjoetie werkt hier graag aan mee. Ons makeoverteam werkt met biologische producten van BlaBlaCosmetics.’
Vervolgens zie je foto’s van Tineke die een kort pittig kapsel krijgt aangemeten en strak in de plamuur wordt gezet. Daarna wordt ze in een jurk met bloemetjesmotief of etnische print gehesen. Lekkere blije lach erbij en dan vraag ik me af of ze zichzelf nu elke dag zo mooi gaat plamuren. En of ze het advies van het makeoverteam opvolgt om vooral te gaan sporten. Dieetje erbij van gestoomde groenten en Tineke zit weer lekker in haar vel. Ik geloof er niets van, Tinus zit gewoon zonder make-up en met vettige haartjes in haar joggingpak op de bank.
Als ik dit zo teruglees, lijkt het me beter dat de rondere vrouw zich niet meer laat verleiden tot zo’n makeover-programma. Want ook hiervan schiet ik een depressie.

Gelukkig volg ik op Instagram een aantal accounts waarin de curvy vrouw volledig tot haar recht komt. Prachtige zelfbewuste vrouwen die mij in ieder geval een goed gevoel over mezelf geven. Mijn rondingen mogen er ook zijn. En als ik een moment heb van ‘bah-wat-ben-ik-toch-een-kleine-prop-met-een-dikke-kont’ , dan kijk ik gewoon naar foto’s op Instagram en dan vraag ik me af wat ik toch te zeuren heb. Ik mag er zijn, net als iedere andere vrouw. Nu nog de (Nederlandse) modebladen ervan overtuigen dat het niet verkeerd is om meer diversiteit te hanteren. Wat meer vrouwen als Ashley Graham in onze bladen, please!

21827020_169968250228128_8775570199588896768_n(1).jpg

©Ashley Graham

 

Vreemdgaan

Het ondenkbare is gebeurd. Altijd gedacht dat mij dit nooit zou overkomen, maar zelfs voor een nuchtere Groningse kan de verleiding soms toch te groot zijn. En Amsterdam zit vol met verleidingen. Je bent doordeweeks een happy single, die weleens een weekendje niet naar Groningen gaat en dan ga je gekke dingen doen. Wat mezelf nog het meest verbaast, is dat ik opeens een voorliefde voor Brazilianen heb ontwikkeld. Ik heb altijd een voorkeur gehad voor horkerige doch lieve Nederlandse mannen en vond iedere Zuid-Europese of Zuid-Amerikaanse man een gladjakker. Kreeg spontaan jeukaanvallen van die charmeurs. Dus waar is het precies misgegaan? Is het de taal, het zangerige Portugees, of het ritmegevoel van de Braziliaan? Of vind ik het stiekem best fijn om in de watten te worden gelegd? Door maar liefst drie Brazilianen tegelijk? Echt, ik moet toegeven dat ik nog nooit zo lekker gemasseerd. Week werd ik helemaal toen er in schattig Engels tegen me werd gezegd wat het vervolg van de wattensessie zou zijn.
‘He will give you a blow dry. Do you want it straight or wide?’
‘Wide?’
‘Yes, volume.’
‘Hell yeah, let’s go wide with the blow dry!’

Echt, ik ben helemaal verliefd op mijn Braziliaanse kappers. Ook al voel ik me enorm schuldig dat ik geen afspraak heb gemaakt bij mijn Groningse kapper. Een man waar ik al meer dan 25 jaar lief en leed mee deel. Ik kan hem toch nooit vertellen dat ik vreemd ben gegaan? Dat ik hem zomaar aan de kant heb geschoven voor de eerste de beste Braziliaan die op mijn pad kwam? Maar mijn haar had inmiddels model ‘vogelnest-met-grijze-plukken’ aangenomen en aangezien ik het weekend in Amsterdam zou blijven, had ik echt geen andere keus. Ik hoopte een beetje op een fiasco, zodat ik weer kon terughollen naar P.. Nee dus. Lieve mensen, die Brazilianen, die zorgvuldig mijn haar hebben geverfd en die tijdens het haren wassen (3x!) een lekkere hoofdmassage gaven. Die mijn haar leuk in model hebben geknipt, zonder me een ‘modelletje’ op te dringen en die als kersje op de taart met een fijne blow dry kwamen aanzetten. (oftewel, föhnen)
Over een maand of 2 zal ik weer eens naar de kapper moeten en ik word er nu al zenuwachtig van. Want, keer ik terug naar P. of ga ik door met mijn Braziliaanse affaire? Kan er nog even over nadenken en ondertussen hoop ik dat P. dit niet leest.

Foto

Ik snap nooit dat mensen zich graag laten fotograferen, ik sta meestal ronduit beroerd op een foto. De beste foto’s van mij zijn dan ook de foto’s waar ik niet op sta. Op mijn Instagramaccount zul je  ook geen selfies aantreffen, ik wil mijn volgers geen hartverzakking bezorgen. Helaas wil het weleens gebeuren dat anderen het ‘leuk’ vinden om een foto van mij te maken. Gebeurde vroeger nauwelijks omdat men dan een camera mee moest zeulen, maar tegenwoordig heeft bijna iedereen een smartphone en wordt er op ieder onmogelijk moment foto’s van alles gemaakt. En soms heb je dan de pech dat je ergens in beeld verschijnt. Zo ook gisteravond. Je zit gezellig te eten met collega’s (alweer? ja, alweer!) en de kudde begint massaal te fotograferen. Dat is nog niet zo erg, maar sommige pretletters gaan die foto’s delen in groepsapps en dan ook nog eens in van die groepen waar jij geen deel van uitmaakt. Zo is er een foto van mij gefabriceerd waar ik met weggedraaide ogen, doorgelopen mascara, zes onderkinnen en twee rimpelige hangwangen op sta. En die is rondgestuurd in een, mij onbekende, groepsapp. Mocht iemand het in zijn hoofd halen om die foto verder de wijde wereld in te helpen, dan hoop ik dat die persoon zijn testament heeft opgemaakt. Ik weet je te vinden!
Nu is er ook een foto gemaakt waar ik, samen met een lieve collega, best leuk in beeld ben gebracht. Hoewel ik bij het bestuderen van de foto tot de ontdekking ben gekomen dat ik beschik over een hamsterwang. Je kent het wel, zo’n wang waar het volledige Amazonegebied in past. Ook eekhoorns kunnen dergelijke wangen fabriceren door zes miljoen eikeltjes in de bek te proppen. Zo’n wang heb ik dus. Nu overweeg ik plastische chirurgie of de aanschaf van een niqab. Het huis niet meer uitkomen, is ook een optie. En dan vraagt men zich af hoe het komt dat er zoveel eenzame mensen bestaan. Lijkt me duidelijk, zo’n smartphone maakt meer kapot dan je lief is.

eekhoorn1

Post-vakantiestress

Mijn collega’s bezorgen mij post-vakantiestress. Niet vanwege de vele e-mailtjes die gelezen moeten worden, maar omdat er geen rekening wordt gehouden met mijn wens om enkele kilo’s te verliezen in de komende weken. Italië is een heel leuk land, maar ze zouden er niet zo heerlijk moeten koken. Mijn broeken kunnen nauwelijks dicht en ik ben blij met mijn heupbroek, omdat ik mijn buik zo lekker over de broekrand kan draperen. Nu nog een Hawaii shirt aantrekken, een half liter blik bier binnen handbereik en ik kan zo meedoen met een darts competitie. Ik haat darts. Oftewel, ik ga alleen maar gezonde dingen eten, minderen met alcohol en minimaal 2 keer in de week naar de sportschool. Dat is tenminste het plan, alleen werken mijn collega’s niet erg mee.

Picture this: Je stapt op maandagochtend ‘monter’ op fiets, de sporttas ‘enthousiast’ achterop gebonden en peddelt in een half uurtje naar je werk. Je komt moe, bezweet en allesbehalve voldaan aan en moet eerst enorm uitrusten. Met koffie. Je komt weer een beetje bij, je vindt het nog steeds een goed idee dat je na het werk naar de sportschool  gaat en begint met het lezen van je mails.
‘Ach, ik heb morgen een borrel. In Utrecht. Oh, en daarna nog een hapje eten. Gezellig!’
‘Hé, volgende week donderdag met het team uit eten in Amstelveen. Leuk!’
‘Oh, de 12e hebben we een activiteit met de afdeling met een afsluitend diner….. Die broeken ga ik nooit meer dicht krijgen, dat wordt een legging.’
‘Verdorie, vergeten. Op de 19e organiseer ik samen met S. de heidag van de sectie. Dat wordt dus én een lunch én een diner. Ik ga een zwangerschapsbroek kopen.’
Zucht, zo gaat dat afvallen natuurlijk nooit lukken.

Ik doe m’n beklag bij vriend T. die troostend zegt dat het allemaal wel meevalt met mijn buik en dat ik binnen een paar weken weer in model ben. ‘En anders doe je toch gewoon corrigerend ondergoed aan?’ De lieverd bedoelt het goed. Denk ik, terwijl ik bezweet aankom bij de sportschool. Eerst maar eens kijken of ik op eigen kracht mezelf in model kan boetseren, voordat ik me in een korset ga hijsen. Wens me succes.

20170929_203848.jpg

Italiaans voedsel. En een drankje.

Schoenen

Onlangs hebben mijn collega’s en ik wetenschappelijk bewezen dat vrouwen gemiddeld zo’n 30 paar schoenen bezitten, slippers en sportschoenen niet meegeteld, en dat échte mannen gemiddeld 6 paar schoenen hebben rondslingeren. Conclusie: mijn man is een echte man. Het zal hem een zorg zijn wat hij aan zijn voeten draagt en hij geeft liever geen geld uit aan een nieuw paar schoenen.  Schoenen worden pas vervangen als ze helemaal uit elkaar vallen en dan nog moet ik hem dwingen een schoenenzaak binnen te lopen. ‘Als je nu niet onmiddellijk naar binnengaat, ga je vanavond zonder eten naar bed. En je bier- en whiskyvoorraad doneer ik aan het opvanghuis voor daklozen!’ Alleen dan wil hij, weliswaar mokkend, een schoenenzaak bezoeken en onder dwang een paar schoenen aanschaffen.

Vorig jaar liepen we rond in winters Praag. Hij had een paar schoenen meegenomen waarin de nodige gaten zaten. Want dat kon allemaal nog best, die schoenen konden nog járen mee. Het duurde niet lang of het geklaag begon.
‘Mijn sok wordt nat.’
‘Nogal wiedes, de zool van je schoen laat los. Je moet nieuwe schoenen.’
‘Nee, dit kan nog best. Mijn sok droogt vanzelf.’
Niet veel later: ‘Mijn voeten worden ook een beetje koud. En nat.’
‘Goh. Gek hè, als de zolen van je schoenen loslaten. Idioot!’
Uiteindelijk heb ik hem een sportzaak (!) weten binnen te loodsen, alwaar hij een paar waterdichte wandelschoenen heeft gekocht.

Morgen vertrekken we naar Milaan. Meneer heeft zijn liefste paar schoenen al klaarstaan. Een van de schoenen is voorzien van een gat en een scheur. Ik vrees met grote vrees dat het niet lang duurt voordat we samen moeten gaan shoppen. In Italië, als dat maar goed gaat.

schoenen

Dit dus…..

Bakfietsvrouw

Het onderwerp ‘Fiets en aanverwante ellende’ staat al 2 jaar op mijn hier-moet-ik-nog-eens-over-schrijven-lijstje. Ik weet alleen niet waar ik moet beginnen.  Schrijf ik over mijn woonplaatsen Amsterdam en Groningen, die zichzelf als ‘Fietsstad’ omschrijven? Of over mensen die niet kunnen fietsen? Of over rare verkeerssituaties, wegversperringen en het al dan niet ontbreken van verkeersregels voor fietsers? Ik kan er enorm over uitweiden, dus heb ik besloten om het hele onderwerp in stukjes op te knippen. Schrijft gemakkelijker en leest beter. Aangezien ik gisteren door zo’n kut (excusez le mot) op een bakfiets van de weg werd gereden, wil ik daarom beginnen met het spuien van al mijn vooroordelen over vrouwen met bakfietsen.

Bakfietsvrouw
Zijn Amsterdam en Groningen vergelijkbaar voor wat betreft het gedrag van fietsers, dit geldt niet voor de bakfiets. De bakfiets is een typisch yuppendingetje en in Amsterdam hebben we last van een yuppenoverschot. Groningers zijn nuchterder en zijn van mening dat een kleuter best zelf naar school kan fietsen of lopen. Zo niet in Amsterdam, waar kinderen van alle leeftijden in een bakfiets naar school gebracht moeten worden. Ook al staat die school 2 straten verderop. Zo nu en dan wordt de bakfiets bestuurd door een man, maar meestal zit er een vrouwenbips op het zadel vastgeplakt. De bakfietsvrouw is van mening dat ze overal voorrang heeft omdat ze kinderen in de bak heeft zitten en gooit de fiets zonder gêne voor iedere aanrazende auto of tram. Je moet wel een vreselijke hekel aan je kinderen hebben, wil je ze aan een dergelijk gevaar blootstellen.
Bakfietsvrouwen zien er allemaal hetzelfde uit. Ze hebben nonchalant opgestoken haar, zijn ‘naturel’ opgemaakt, dragen fleurige jurkjes, spijkerjasjes en cowboylaarzen of witte gympen. Hoe irritant is dat. Er bestaat niet zoiets als nonchalant opgestoken haar. Bakfietsvrouwen hebben een ingewikkeld doch simpel uitziend kapsel op het hoofd waarmee ze minstens een uur per dag bezig zijn. Ergo, deze vrouwen hebben geen nuttige dagbesteding.  ‘Nee nee, Floris is druk met de eigen zaak, dus ik heb mijn carrière on hold gezet en zorg voor de kindjes. Maar ik heb een passie voor interior design, daar ben ik heel druk mee.’ Ergo, ze schudt de kussentjes op en legt ze iedere dag op een andere plek neer, bos blommen in een vaas en klaar. Verder doet de bakfietsvrouw aan yoga of Pilates, kent ze iedere steen in de 9 Straatjes en drinkt ze Chai Latte met haar vriendinnetjes. Vriendinnetjes ja, alsof ze een stel 12-jarigen zijn. Kortom, het soort vrouw waar je meteen de pest aan hebt als ze je pad kruist. Meestal midden op het fietspad met 3 van die Oilily-koters in de bak gepropt en dan ook nog zo traag fietsen als een dronken slak onder narcose. De nutteloze trut!

Natuurlijk zijn dit allemaal vooroordelen. Er zijn ook bakfietsvrouwen met normaal chaotisch haar op het hoofd, die in spijkerbroek en fleecetrui de fiets bestijgen. Die een fulltime baan hebben, geen tijd hebben om te shoppen en gewoon gluten eten. Maar hoe dan ook, de bakfiets mogen ze wat mij betreft uit het verkeer verbannen. Naar de schroot met die krengen! De fiets bedoel ik, niet de bakfietsvrouw.  Uitzonderingen daargelaten.

Fokke-en-Sukke-hebben-een-bakfiets-met-digitenne-070409(1976)